Overslaan naar inhoud

(R)evolutie in de Vlaamse taalwetgeving in arbeidsrelaties?

22 april 2014

Op 22 april 2014 werden een aantal belangrijke wijzigingen aan het Vlaams Taaldecreet van 19 juli 1973 gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad (Decreet van 14 maart 2014).   Met dit decreet komt het Vlaams Parlement tegemoet aan het arrest van 16 april 2013 van het Hof van Justitie, waarin het Vlaams Taaldecreet strijdig werd geacht met het vrij verkeer van werknemers (zie onze nieuwsbrief van 29 april 2013).   Volgens het Hof van Justitie zou een regeling die, naast het gebruik van de officiële taal, ook de mogelijkheid zou voorzien om voor arbeidsovereenkomsten met een grensoverschrijdend karakter een rechtsgeldige versie op te stellen in een door alle partijen begrepen taal, minder ingrijpen in het vrije verkeer van werknemers, maar toch geschikt zijn om de doelstellingen van het Taaldecreet na te streven.   Deze suggestie van het Hof van Justitie werd nu verwerkt in de tekst van het Vlaams Taaldecreet.   De verplicht te gebruiken taal in de sociale betrekkingen tussen werkgevers en werknemers blijft weliswaar het Nederlands. Daarnaast wordt het evenwel mogelijk om voor individuele arbeidsovereenkomsten bijkomend een rechtsgeldige versie op te maken in een andere officiële taal van de Europese Unie of de EER. Voor andere documenten kunnen de werknemersvertegenwoordigers verzoeken om een vertaling toe te voegen in één of meer talen.   Of deze wijziging een revolutie in de taalwetgeving betekent, is nog maar de vraag. Het decreet bepaalt immers dat, wanneer er een verschil bestaat tussen de Nederlandstalige en de anderstalige versie van de overeenkomst, de Nederlandstalige versie nog steeds de voorrang heeft.

Deel deze post
Labels
Archief