Overslaan naar inhoud

Het UBO Register komt dichterbij

27 november 2017

In een eerdere nieuwsbrief berichtten we u reeds dat de "uiteindelijk begunstigden" van iedere vennootschap zouden worden opgenomen in een nationaal register, onder impuls van een Europese richtlijn. Intussen is de Belgische wet die deze richtlijn uitvoert, de nieuwe zgn. Antiwitwaswet, aangenomen op 18 september 2017. Deze wet trad in werking op 16 oktober 2017.

De uiteindelijk begunstigde wordt afgekort "UBO" genoemd, naar het Engelse "Ultimate Beneficial Owner", reden waarom dit register het UBO-register wordt gedoopt in de wet.

De nieuwe wet vervangt de wet van 11 januari 1993 en maakt aldus de preventieve poot uit van de bestrijding van witwaspraktijken. Veruit de belangrijkste toevoeging in de nieuwe wet is de invoering van het UBO-register.

De wet schetst reeds de kern van het UBO-register maar de werking zal nog verder worden geconcretiseerd in een KB, dat verwacht wordt in juni 2018. Het register zal dus wellicht ten vroegste effectief werkzaam worden in de tweede helft 2018.

We sommen op wat reeds vastgelegd is.

1.  De wet bepaalt wie de uiteindelijk begunstigden zijn, o.m. in het geval van een vennootschap (art. 4, 27° van de nieuwe wet):

De uiteindelijk begunstigden zijn de natuurlijke personen die eigenaar zijn van of zeggenschap hebben over een entiteit.

In het geval van vennootschappen, zijn er enkele onderscheiden gevallen om te bepalen wie de uiteindelijk begunstigde is. 

  • In de eerste plaats zijn dat de natuurlijke personen die, rechtstreeks of onrechtstreeks, een "toereikend" percentage van de stemrechten of van het eigendomsbelang houden in de vennootschap.

Een belang van 25% van de stemrechten of van de aandelen geldt als indicatie van zulk toereikend percentage.

  • Daarnaast kan een natuurlijk persoon ook zeggenschap hebben over een vennootschap door andere middelen, bijvoorbeeld:

    • Wanneer hij het recht heeft de meerderheid van de leden van het bestuursorgaan te benoemen en te ontslaan, indien hij tevens aandeelhouder is;

    • Wanneer hij krachtens een overeenkomst het recht heeft een overheersende invloed uit te oefenen op de onderneming, indien hij tevens aandeelhouder is;

    • Enz.

  • Tot slot, indien na uitputting van de bovenvermelde criteria niet kan worden vastgesteld wie de uiteindelijk begunstigde is of daarover twijfel bestaat, worden de personen die behoren tot het hoger leidinggevend personeel aangemerkt als uiteindelijk begunstigde.

2.  De vennootschappen hebben de verplichting om informatie bij te houden over hun uiteindelijk begunstigde en om die informatie mee te delen aan het register (art. 153 van de nieuwe wet dat art. 14/1 invoert in het wetboek van vennootschappen).

Welke gegevens precies in het register moeten komen, zal nog worden ingevuld door het KB. De wet bepaalt wel reeds dat de vennootschappen alleszins volgende informatie moeten bijhouden over hun uiteindelijk begunstigde (en updaten):

  • Naam;

  • Geboortedatum;

  • Nationaliteit;

  • Adres; en

  • Aard en omvang van het gehouden economisch belang.

De bestuurders dienen die gegevens dan binnen de maand vanaf het tijdstip waarop de informatie gekend of gewijzigd is, via elektronische weg over te maken aan het UBO-register.

3.  De wet bevat sancties voor de bestuurders van de vennootschappen die hieraan niet zouden voldoen.

Vooreerst zijn er administratieve geldboetes van toepassing ingevolge art. 132 van de nieuwe wet die tussen 250 en 50.000 EUR zullen bedragen, zowel indien geen informatie wordt overgemaakt aan het register als wanneer de kwaliteit van de overgemaakte gegevens niet in orde is.

Met de volgende omstandigheden wordt rekening gehouden om de hoogte van de boete binnen die ruime vork te bepalen:

  • De ernst en duur van de inbreuk;

  • De mate van verantwoordelijkheid van de betrokken bestuurder;

  • De financiële draagkracht van de betrokken bestuurder, zoals kan blijken uit zijn eigen jaarinkomen of uit de omzet van de betrokken rechtspersoon;

  • Het voordeel of winst die de inbreuken zouden hebben opgeleverd;

  • Het nadeel dat derden hebben geleden door de inbreuk;

  • De mate van medewerking van de betrokken bestuurder met de bevoegde autoriteit;

  • Eventuele eerder gepleegde inbreuken.

Ook leden van het directiecomité of personen die deelnemen aan de effectieve leiding van de vennootschap en die verantwoordelijk zijn voor de inbreuk, kunnen op deze manier gesanctioneerd worden.

Ten tweede zijn er ook strafrechtelijke sancties, opgenomen in het nieuwe art. 14/2 W.Venn. zoals ingevoerd door art. 155 van de nieuwe wet. Enkel de bestuurders kunnen zulke boete krijgen, die tussen 50 en 5.000 EUR zal bedragen (te verhogen met de opdeciemen, momenteel dus te vermenigvuldigen met acht).

4.  Tot slot, praktisch, bepaalt de wet waar het register wordt bijgehouden.

Het UBO-register zal worden ingericht binnen de Algemene Administratie van de Thesaurie van de FOD Financiën (art. 73 van de nieuwe wet). Deze instantie zal de gegevens verzamelen, bewaren, beheren, de kwaliteit ervan controleren en de gegevens ter beschikking stellen aan de personen die toegang hebben tot het register.

De concrete wijze waarop de informatie zal worden verzameld, de inhoud ervan, het beheer, de toegang en het gebruik van de gegevens, de modaliteiten voor de verificatie en de werking van het register zal verder worden uitgewerkt in het KB dat in het vooruitzicht wordt gesteld.

Er wordt verwacht dat de vijfde antiwitwasrichtlijn de toegangsvoorwaarden tot het register verder zal uitwerken. Tot die tijd kan er van worden uitgegaan dat het register in principe enkel toegankelijk zal zijn voor de doeleinden van de wet, nl. het voorkomen van witwas van geld en de strijd tegen de financiering van terrorisme. Ook de fiscus zou dus enkel in dat kader toegang kunnen krijgen tot het register.

Voor de bestuurders van vennootschappen zal het binnen afzienbare tijd dus een nieuw en belangrijk aandachtspunt zijn om de gegevens in het UBO-register te updaten naar aanleiding van verschuivingen in het aandeelhoudersbestand, zoals bijvoorbeeld bij overname van vennootschappen.

Voor meer info over dit specifieke onderwerp kan u Sophie Deckers (auteur) en Gwen Bevers (Celhoofd) raadplegen.

Deel deze post
Archief