Overslaan naar inhoud

Hof van Justitie zet de deur open voor soepelere taalregels voor facturen

9 november 2016

In een eerdere nieuwsbrief bespraken we reeds de strikte regels m.b.t. de taal van facturen. Zo moeten facturen, uitgaand van een onderneming die haar handelsactiviteit uitvoert vanuit een exploitatiezetel in Vlaanderen, in het Nederlands opgesteld zijn op straffe van (absolute) nietigheid.

Een arrest van het Europese Hof van Justitie van 21 juni 2016 ("New Valmar") zet die strenge regels grotendeels op de helling, met name omdat ze het vrije verkeer beperken.

Het Hof wijst erop dat de regels de mogelijkheid tot betwisting en niet-betaling van de factuur verhogen.

Partijen wordt immers de mogelijkheid ontnomen om voor hun facturen vrij een taal te kiezen die zij beiden beheersen. Bovendien wordt voor de redactie van facturen een taal opgelegd die kan verschillen van de taal die zij hebben gekozen voor hun contractuele verhoudingen. Omgekeerd kan de ontvanger van een factuur die is opgesteld in een andere taal dan het Nederlands, gelet op de absolute nietigheid van een dergelijke factuur, ertoe worden aangezet om de geldigheid ervan louter op die grond te betwisten, zelfs wanneer de factuur is opgesteld in een taal die hij begrijpt of conform de contractuele bepalingen.

Die door de taalregels gecreëerde rechtsonzekerheid heeft beperkende gevolgen voor het handelsverkeer, die het sluiten of voortzetten van contractuele verhoudingen met een onderneming die is gevestigd in het Nederlandse taalgebied kunnen ontmoedigen.

Hoewel het Hof aanneemt dat de Belgische wetgever legitieme doelstellingen van algemeen belang nastreeft, met name de vrijwaring van het gebruik van het Nederlands voor officiële documenten en het waarborgen van de doeltreffendheid van de fiscale controles, acht het de uitwerking van de regel disproportioneel. Immers, de doelstellingen kunnen ook bereikt worden met een minder verregaande regel, zoals een regeling die voorziet in de mogelijkheid om, naast de facturen in de officiële taal, ook een rechtsgeldige versie ervan op te stellen in een taal die de ontvanger begrijpt.

De Belgische regels, die van openbare orde worden geacht, schenden aldus het Europese Unierecht, zodat een wetswijziging zich opdringt. In afwachting daarvan, zullen de Belgische rechters rekening moeten houden met de zienswijze van het Hof, wanneer zij oordelen over vergelijkbare gevallen. Evenwel, om betwistingen te vermijden,  blijft zolang de Belgische regels bestaan voorzichtigheid geboden bij het opstellen van facturen.

Voor meer informatie kan u Sophie Deckers en Geert De Buyzer (auteurs) en Gwen Bevers (celhoofd) raadplegen.

Deel deze post
Archief