Skip to Content

Omzendbrief verduidelijkt de betalingsregels inzake overheidsopdrachten

7 January 2015

Zoals bekend, is de wet van 2 augustus 2002 betreffende de bestrijding van betalingsachterstand bij handelstransacties gewijzigd door de wet van 22 november 2013 (BS 10 december 2013) (zie onze nieuwsflash van 5 december 2013).

Zoals eveneens bekend, wijzigde het Koninklijk Besluit van 22 mei 2014 de betalingsregels inzake overheidsopdrachten en concessies van openbare werken uit de Algemene Uitvoeringsregels van 14 januari 2013 (KB AUR 2013) op een aantal belangrijke punten (zie onze nieuwsflash van 23 juni 2014).

Met de omzendbrief van 20 november 2014 (BS 26 november 2014) wil de regering-Michel I bovenvermelde nieuwe betalingsregels verduidelijken, in het bijzonder m.b.t. overheidsopdrachten.

Deze nieuwe omzendbrief komt in de plaats van de omzendbrief van 12 maart 2009 (BS 16 maart 2009), die evenwel haar toepassing behoudt voor opdrachten geplaatst vóór 1 juli 2013. De recente omzendbrief licht toe:

-wat de impact is van de nieuwe betalingsregels van het KB AUR 2013 zoals gewijzigd door het KB van 22 mei 2014;

-of, en sinds wanneer, de voorschriften uit het KB AUR 2013 of deze uit het gewijzigde KB AUR 2013 na het reparatie-KB van 22 mei 2014 van toepassing zijn.

1. Impact van (enkele) nieuwe betalingsregels

De omzendbrief gaat uitgebreid in op de nieuwigheden van het gewijzigde KB AUR 2013. Hij duidt telkens aan wanneer het gaat om een bepaling of een wijziging die is ingevoerd door het KB van 22 mei 2014.

Enkele commentaren die in het oog springen, hebben betrekking op de langere betalingstermijn in de gezondheidssector en de globale verificatie- en betalingstermijn.

Zo verduidelijkt de omzendbrief dat de benadering om de verificatie- en betalingstermijn als één globale termijn te beschouwen, bedoeld is om te vermijden dat de verificatietermijn in de praktijk al te vaak zou worden miskend. De betalingsregels in het KB AUR 2013 sanctioneren namelijk enkel  het overschrijden van de betalingstermijn. Om deze reden wordt bij een overschrijding van de verificatietermijn, de betalingstermijn met een gelijk aantal dagen ingekort.

De betalingstermijn voor aanbestedende overheden die gezondheidszorg verstrekken, bedraagt 60 kalenderdagen i.p.v. 30 kalenderdagen. Artikel 127, lid 2 KB AUR 2013 koppelt deze uitzondering evenwel enkel aan opdrachten verbonden aan deze specifieke activiteit. De omzendbrief legt dit verder uit door te stellen dat wanneer één enkele rechtspersoon naast een zorgvoorziening nog een andere entiteit omvat, bv. een onderwijsinstelling, de langere betalingstermijn dan alleen geldt voor de opdrachten die uitgaan van de zorgverstrekkende entiteit. Aan de andere kant geldt de lange betalingstermijn voor álle opdrachten die uitgaan van de zorginstelling. Ze is aldus niet alleen van toepassing op het verwerven van medische apparatuur, geneesmiddelen, enz., maar ook voor de werken, leveringen en diensten die niet specifiek bestemd zijn voor het verstrekken van gezondheidszorgen.

Voor een omstandige bespreking van de gewijzigde betalingsregels wordt verwezen naar de tekst van de omzendbrief zelf.

2. Persoonlijk en materieel toepassingsgebied

De omzendbrief bakent eveneens het toepassingsgebied van het KB AUR 2013 af t.o.v. de wet van 2 augustus 2002. Zo vallen de volgende handelstransacties volgens de omzendbrief niet onder het KB AUR 2013, maar onder de algemene betalingsregels (van de wet van 2 augustus 2002):

- handelstransacties tussen ondernemingen onderling; en

- handelstransacties bij kleine opdrachten tussen ondernemingen en overheidsinstanties-schuldenaars (wanneer het geraamd bedrag kleiner dan of gelijk aan 8.500,00 EUR, excl. BTW is).

De regering-Michel I verduidelijkt in de omzendbrief dat overheidsbedrijven ook onder de notie "onderneming" vallen. Bijgevolg zijn de algemene betalingsregels van de wet van 2 augustus 2002 toepasselijk op ondernemingen en overheidsbedrijven. Hieronder vallen ook de overheidsopdrachten van deze overheidsbedrijven. Het gevolg van deze verduidelijking is dat overheidsopdrachten van overheidsbedrijven zoals De Lijn, NV NMBS of NV Belgacom vallen onder de algemene betalingsregels en niet onder de specifieke betalingsregels in het KB AUR 2013. Dat volgt tevens uit art. 6, §2, 3° KB AUR 2013 dat uitdrukkelijk bepaalt dat de specifieke betalingsregels uit dat besluit niet van toepassing zijn op overheidsbedrijven.

Inhoudelijk bestaat er tussen de algemene en specifieke regels weinig verschil, daar zij beide hun oorsprong vinden in dezelfde richtlijn (RL 2011/7/EU). Wel is het van belang om bij inroeping van de betalingsregels te verwijzen naar de juiste rechtsgrond. Bovendien heeft de toepassing van de algemene betalingsregels voor overheidsbedrijven wel enige impact naar het verleden toe (voor opdrachten bekendgemaakt vóór 1 juli 2013 zijn voor overheidsbedrijven in ieder geval nog de AAV van toepassing).

3. Temporeel toepassingsgebied

De omzendbrief situeert de toepasselijkheid van de verschillende betalingsregimes ook in de tijd.

De gewijzigde wet van 2 augustus 2002 is van toepassing op betalingen in uitvoering van overeenkomsten gesloten, vernieuwd of verlengd vanaf 16 maart 2013. Ze is in elk geval van toepassing op betalingen in uitvoering van lopende overeenkomsten twee jaar te rekenen vanaf 16 maart 2013.

Overheidsopdrachten die bekendgemaakt zijn vóór 1 juli 2013, datum inwerkingtreding van KB AUR 2013, vallen onder het toepassingsgebied van het KB AUR van 26 september 1996 met haar bijlage over de algemene aannemingsvoorwaarden (AAV). Overheidsopdrachten die bekendgemaakt zijn vanaf 1 juli 2013 vallen onder het toepassingsgebied van het KB AUR 2013. Overheidsopdrachten die bekendgemaakt zijn vanaf 9 juni 2014, inwerkingtreding van het KB van 22 mei 2014, vallen onder het toepassingsgebied van het gewijzigde KB AUR 2013. Op de opdrachten bekendgemaakt tussen de datum van inwerkingtreding van het KB AUR 2013 en de datum van inwerkingtreding van het voormelde wijzigingsbesluit van 22 mei 2014 gelden weliswaar de oorspronkelijke betalingsregels van het KB AUR 2013.

Voor meer info over dit specifieke onderwerp, kan u Jan De Leyn en Barbara Bastiaensen (de auteurs) en Kris Lemmens (celhoofd) raadplegen.

Share this post
Archive