Het Grondwettelijk Hof heeft op 3 december 2015 besloten dat de commerciële rentevoet niet van toepassing is op de vergoedingen (laattijdig) uitbetaald door verzekeraars.
Op alle laattijdige betalingen van handelstransacties is de zogenaamde commerciële rentevoet van de wet van 2 augustus 2002 betreffende de bestrijding van de betalingsachterstand bij handelstransacties van toepassing op de verschuldigde verwijlinteresten. Deze rentevoet bedraagt voor het tweede semester van 2015 8,5% (zie overzicht).
Deze rentevoet is niet van toepassing op betalingen uit hoofde van verzekeringspolissen, ook niet op zaakverzekeringen zoals brand- of ABR-polissen. Hiervoor geldt het principe dat de rechter zelf een adequate vergoeding dient te bepalen indien er een laattijdige betaling gebeurt. In de praktijk wordt hiervoor gebruik gemaakt van de "wettelijke interest" (voor het jaar 2015 2,5% (zie overzicht), cf. art. 1153 BW en Wet van 5 mei 1865 betreffende de lening tegen intrest), dan wel het dubbele hiervan in geval van brandverzekering (art. 121, § 7 Wet Verzekeringen).
De Franstalige Rechtbank van Koophandel Brussel stelde zich de vraag of dit onderscheid geen discriminatie inhoudt. Verzekeraars zijn immers handelaars en de vergoeding van de schade is de tegenprestatie voor het betalen van de premie door de verzekeringsnemer.
Het Grondwettelijk Hof meent dat dit onderscheid berust op een objectief criterium. De door de verzekeraar te betalen vergoedingen zouden slechts vast komen te staan na het schadegeval, en aldus zouden deze vergoedingen verschillen van vergoedingen voor handelstransacties, waarvan het bedrag reeds bij het begin bepaald is. Tevens verwees het Hof naar de Europese richtlijn waarop de commerciële rentevoet is gebaseerd, om te besluiten dat er een redelijke verantwoording bestaat voor het onderscheid en dat er geen sprake is van een ongeoorloofd onderscheid.
Aldus blijft voorlopig de commerciële rentevoet niet van toepassing op vergoedingen betaald door verzekeraars.
Voor meer info over dit specifieke onderwerp, kunt u Ewoud Willaert (de auteur) en Siegfried Busscher (celhoofd verzekeringsrecht) raadplegen.